Werk
- 1993
- potlood, waterverf en drukinkt
- 40 x 30 cm
- 1998.GP.05
- 1991
- potlood, houtskool, plakband op papier
- 48 x 33 cm
- 2001.GP.09
- 1991
- grafietpotlood, inkt op papier
- 35,5 x 50 cm
- 1998.GP.02
- 1994
- waterverf op papier
- 38 x 28 cm
- 1998.GP.06
- 1993
- brons, kristal, ijzer
- ca. 150 x 90 x 90 cm
- 2001.GP.10
- 1991
- grafietpotlood, inkt op papier
- 35,5 x 50 cm
- 1998.GP.03
- 1994
- waterverf op papier
- 38 x 28 cm
- 1998.GP.07
- 2000
- portfolio - 11 etsen en teksten van de kunstenaar
- 2004.GP.11
- 1993
- oost-indische inkt, drukinkt op papier
- 33 x 48 cm
- 1998.GP.04
- 1990
- inkt, pen op papier
- 48 x 33 cm
- 2001.GP.08
- 2012
- ets op papier
- zes afdrukken 65 x 50 cm een afdruk 50 x 65 cm
- 2012.GP.12
Giuseppe Penone was de jongste van een groep Italiaanse kunstenaars die aan het einde van de jaren zestig bekend werden als vertegenwoordigers van de arte povera ('arme kunst'). Ze maakten kunstwerken met alledaagse en weinig kostbare materialen, zoals vodden, aarde, takken of steenkool. Hun werk was een reactie op de toenemende abstrahering en verontmenselijking van met name de Amerikaanse kunst uit die tijd.
Penone is vooral bekend als beeldhouwer, maar hij maakt ook installaties, schilderijen, foto’s, werken op papier en performances. Zijn werk ontstaat vaak in een direct fysiek contact met de natuurlijke omgeving. Heel bekend zijn de Alberi (Bomen), waarmee Penone al in 1968 begon en die centraal stonden in een tentoonstelling in De Pont Museum in 2010 (Zie Nelle Mani - In de Handen). In die sculpturen probeert hij de groeicyclus van bomen in beelden te vangen, door de oorspronkelijke vorm te ontlokken aan het hout, zoals Michelangelo een engel bevrijdde uit het marmer [Zie voor een schets van zo’n beeld bijvoorbeeld: Passi Sulle Cime Dei Gelsi / Footsteps on Mulbery Tree Tops].
De arte povera kunstenaars maakten werk over de wortels van cultuur en van het leven, over uiteenlopende bronnen van energie en energie als oerkracht, maar Penone is de enige voor wie de natuurlijke wereld zelf het belangrijkste motief is. Hij ziet de natuur als een combinatie van verschijnselen en transformatieve processen waarvan de uitkomst geanalyseerd moet worden. Zijn werk gaat over het verlangen naar de vereniging van mens en omgeving, twee entiteiten die zich in de westerse samenleving ver van elkaar hebben verwijderd. Voortdurend probeert hij een lichamelijk, sensueel en poëtisch contact te realiseren [Zie bijvoorbeeld Zonder titel, 1991]. Met zijn aandacht voor zuivere materialen, de symbiose met de natuur en de puurheid van organische processen, was Penone zijn tijd ver vooruit.
Tentoonstellingen