Sophie Calle

Talking to Strangers

23 januari - 16 mei 2010
werk in collectie

In 2007 maakte Sophie Calle (Parijs, 1953) op de Biënnale van Venetië grote indruk met de installatie Prenez Soin De Vous. Een recent geproduceerde Engelstalige versie van dit werk vormt het middelpunt van haar tentoonstelling in De Pont. De expositie, haar eerste in Nederland sinds bijna vijftien jaar, is een coproductie met de Whitechapel Art Gallery in Londen en omvat behalve Take Care of Yourself nog elf sleutelwerken uit de periode van 1979 tot nu.

Kunst en leven zijn in het werk van Sophie Calle een hechte verbintenis aangegaan. ‘Gelukkige gebeurtenissen, die beleef ik, de ongelukkige buit ik uit. In de eerste plaats vanuit een artistieke interesse, maar ook om ze te transformeren, er iets van te maken, er mijn voordeel mee te doen, - wraak te nemen op de situatie.’ zei ze in 2003.

Take Care of Yourself, dat vier jaar na dit interview met Christine Macel werd voltooid, is daarvan een treffend voorbeeld. ‘Zorg goed voor je zelf’ luidden de slotwoorden waarmee Sophie Calle’s toenmalige geliefde de relatie per e-mail verbrak. Ze heeft het advies ter harte genomen en de e-mail tot inzet gemaakt van een kunstwerk. Wat begon als een vraag aan een goede vriendin, kreeg ten slotte  de omvang van een project waarin 107 vrouwen betrokken werden. Onder hen bevonden zich een mediator, een taalkundige, een psychiater, een specialiste vrouwenrechten bij de VN, een schooljuffrouw, een politieofficier en Calle’s eigen moeder, maar ook een romanschrijfster, een helderziende, een actrice, een zangeres, een danseres en een clown. Op verzoek van Sophie Calle hebben zij allen vanuit hun eigen professionele deskundigheid de e-mail van de minnaar geanalyseerd, becommentarieerd en er in een aantal gevallen een antwoord op geformuleerd. In Take Care of Yourself heeft deze veelheid aan gesproken, geschreven, gezongen en gedanste reacties vorm gekregen in een installatie van teksten, foto’s en beeldschermen, waarop filmpjes worden afgespeeld. Het is een verrassende opeenstapeling van interpretaties die het werk niet alleen ver boven zijn pijnlijke aanleiding doet uitstijgen, maar ook loszingt van het autobiografische.

In de manier waarop Sophie Calle hier - en in andere werken - gebruik maakt van gebeurtenissen uit haar persoonlijk leven is geen zweem te bekennen van het exhibitionisme dat zo kenmerkend is voor het huidige emotietijdperk. Naar haar eigen gevoelens kunnen we alleen maar raden en ook de geliefde blijft buiten beeld. In Take Care of Yourself heeft Sophie Calle de regie weer zelf in handen genomen.

Al dertig jaar beweegt de kunst van Sophie Calle zich tussen de wil om greep te krijgen op het bestaan en het verlangen er zich aan over te geven. De werken waaraan gebeurtenissen uit haar privéleven ten grondslag liggen, vinden een tegenhanger in die waarin het eerder andersom is; in werken waarin de kunst zijn stempel drukt op haar dagelijks leven. Als kind al hield Calle van rituelen. Sinds 1979 hebben die in haar werk een plek gekregen in de strategieën die haar doen en laten bepalen en structureren. Sophie Calle speelt het spel met grote inzet en volharding en doet daarvan in haar kunstwerken verslag op een even feitelijke als ingetogen wijze.

Door het leven op te vatten als een spel dat volgens bepaalde regels dient te worden geleefd, schept zij een ruimte waarbinnen zij zich kan overgeven aan het onverwachte en onvoorziene. In 1979 besloot Calle willekeurige passanten te volgen en zich door hen mee te laten voeren door de straten van de stad. Sindsdien heeft zij talrijke scenario’s bedacht waarin zij de ander in zijn eigen intimiteit probeert te benaderen. Het meest expliciet deed zij dat in The Sleepers (1979) een actie waarin zij mensen vroeg enkele uren in haar bed te komen slapen; het meest ‘brutaal’ in The Address Book (1983). De titel slaat op het boekje met adressen dat Sophie Calle in juni 1983 vond op straat. Geïntrigeerd door de onbekende eigenaar, probeerde zij hem beter te leren kennen, niet tijdens een ontmoeting maar via de beschrijvingen van vrienden en relaties, van wie zij de gegevens in het adresboekje aantrof. De perspex doos met krantenknipsels die nu onder die titel wordt geëxposeerd, bevat de 28 dagelijkse afleveringen waarin ze de bevindingen van haar ‘onderzoek’ publiceerde in het dagblad Libération.

In verhalen van anderen krijgen subjectief beleefde en soms al verdwenen realiteiten gestalte. In werken als Los Angeles (1984) en The Detachment (1996) is Sophie Calle op zoek gegaan naar die verhalen. Soms ook liet zij zich er letterlijk door leiden, zoals in The Bronx (1980). In foto’s en teksten zijn de plekken in deze New Yorkse wijk gedocumenteerd waar willekeurige bewoners van The Bronx haar naar toe brachten toen zij hen vroeg haar de plek te laten zien die zij zich altijd zouden herinneren.

Sophie Calle heeft haar eigen bestaan een belangrijke plaats gegeven in haar werk. De documentaire manier waarop zij haar werk presenteert, suggereert een hoge mate van feitelijkheid. Waar feit en fictie in elkaar overgaan is voor de kijker nauwelijks te achterhalen. Onder de indruk van de suggestieve kracht van haar werk, baseerde Paul Auster in zijn roman Leviathan (1983) het gedrag van het personage Maria op episodes uit het leven van Sophie Calle. Op haar beurt vroeg Calle de Amerikaanse schrijver een fictief karakter te bedenken, dat zij in het werkelijke leven zou kunnen aannemen. Dat weigerde Auster, wel gaf hij haar een aantal instructies ‘ter verbetering van het leven in New York’. Gotham Handbook (1994) doet daarvan verslag en toont onder meer de openbare telefooncel die Sophie Calle midden in New York adopteerde om deze vol toewijding te veranderen in een plek van warmte en gezelligheid.

Soms is de verbintenis tussen kunst en werkelijkheid die Sophie Calle opzoekt licht en poëtisch, dan weer klinkt een dramatischer ondertoon. In haar werken maakt zij ons daarvan deelgenoot, tegelijkertijd houdt zij afstand en laat zij ruimte voor eigen invulling en interpretaties van de kijker. De handelingen die zij verricht om het leven te lijf te gaan zijn invoelbaar en minder particulier dan het dagboekachtige karakter van haar werk suggereert.

Where and When (2004-2008) is ontstaan uit de samenwerking van Sophie Calle met de helderziende Maud Kirsten. Calle vroeg Kirsten haar de toekomst te voorspellen zodat zij deze ‘tegemoet kon gaan en haar te vlug af kon zijn.’ Berck is het fotoverslag van de in Noord Frankrijk gelegen badplaats, waar de kaarten Sophie Calle op 17 mei 2004 naar toe stuurden. Het meest ontroerend komt het onvermogen om leven en dood werkelijk te vatten naar voren in het werk Pas pu saisir la mort (2007). De video toont de laatste twintig minuten uit het leven van de moeder van Sophie Calle. Het moment van haar verscheiden liet zich niet vangen. Ook op het ultieme moment waren het  leven en de dood ongrijpbaar.

Bekijk hier een kort interview met de kunstenaar op NRC TV

De tentoonstelling is georganiseerd in samenwerking met de Whitechapel Art Gallery in Londen.