Rineke Dijkstra

overzichtstentoonstelling

10 mrt - 22 jul 2018
werk in collectie

Sinds de Strandportretten, waarmee Rineke Dijkstra (Sittard, 1959) in de jaren negentig internationale bekendheid verwierf, is het aantal fotografische beelden explosief gegroeid. Dagelijks krijgen we niet alleen via de massamedia, maar ook digitaal een stortvloed aan foto’s, selfies en filmpjes van vrienden en (on)bekenden toegestuurd. Waarin onderscheidt het werk van Rineke Dijkstra zich van deze eindeloze stroom fotoportretten? Wat maakt haar foto’s en video’s zo bijzonder?

De opmaat tot de Strandportretten vormde een zelfportret, een soort selfie in badpak. Na een ernstig fietsongeluk moest Dijkstra in 1991 revalideren. Als experiment fotografeerde ze zichzelf nadat ze dertig baantjes gezwommen had, zichtbaar te moe om te poseren. De foto is gemaakt met een 4x5 inch technische camera op statief, waarmee je geen snelle, opnames kunt maken. Dit tijdrovende proces bepaalde van nu af haar werkwijze: eerst moet het diafragma worden ingesteld, daarna gaat de cassette erin en dan pas kun je afdrukken. De negatieven zijn zo groot als een ansichtkaart en glashelder. Dijkstra gebruikt een standaardlens zonder zoomfunctie, zodat je bij close-ups ook met de camera dichtbij moet komen. ‘Om een goed portret te maken heb je een aantal ingrediënten nodig. Het gaat om de blik, de houding, maar ook over de achtergrond, het licht en over het verhaal dat je wilt vertellen. Soms vallen al die elementen mooi samen, als een puzzel. Dan versterken ze elkaar,’ aldus Dijkstra in een interview in NRC Handelsblad naar aanleiding van de Hasselblad Award, een prestigieuze fotografieprijs die ze in oktober 2017 ontving.

Dijkstra werkt het liefst in series waardoor verschillen en overeenkomsten tussen de geportretteerden en hun culturele achtergrond subtiel aan het licht treden. Op de strandfoto’s lijken Amerikaanse jongeren meer zelfbewust dan hun leeftijdgenoten uit Oost-Europa – de badkleding versterkt deze indruk. Maar in de gevoelige overgangsfase van kind naar volwassene stralen ze qua houding en oogopslag allemaal toch dezelfde onzekerheid uit.

Ook in de series Jonge moeders en Stierenvechters strijden tegengestelde emoties om voorrang. De moeders zijn kort na de bevalling staand ten voeten uit en naakt gefotografeerd; alle drie houden ze hun pasgeboren baby beschermend tegen zich aangedrukt. De foto’s maken uitputting, opwinding en trots ongefilterd en rauw zichtbaar. Vergelijkbare emoties tonen de portretten van Portugese stierenvechters met het bloed nog op hun gezicht en overhemd. Anders dan in Spanje wordt de stier niet gedood, maar dwingen de mannen het beest in een gezamenlijke krachtsinspanning ongewapend op de knieën. Een van hen werpt zich als eerste op de stier, hij ziet de dood letterlijk in de ogen. Deze voormannen vroeg Dijkstra voor haar te poseren.

Bij al deze portretten, ten voeten uit of in close-up, is de achtergrond eenvoudig: strand, zee en lucht, een kaal interieur of een neutrale kleur. Hij concurreert niet met de geïsoleerde figuur. Wel vallen bepaalde details meer op, zoals het straaltje bloed op het been van een van de moeders of de voetsporen rondom het Amerikaanse meisje met het opgemaakte gezicht in de oranje bikini: het heeft duidelijk moeite gekost voor ze de juiste houding vond.

De haarscherp gedetailleerde foto’s geven de toeschouwer bijna het idee oog in oog te staan met de geportretteerden. Tegelijkertijd verliezen ze door het seriële karakter ook iets van hun individualiteit. Als kijker identificeer je je vooral met de algemeen menselijke gevoelens die zij tonen, zoals verlegenheid of ongemak.

Tijdens haar studie aan de Amsterdamse Rietveldacademie fotografeerde Dijkstra het uitgaansleven in Paradiso, terwijl ze na de academie in opdracht portretten maakte voor het zakenblad Quote. Mannen in pak die zelfverzekerd moeten overkomen en geen gezichtsverlies willen lijden. Maar wie zit er achter dat masker, vroeg Dijkstra zich af. Wat maakt die persoon anders dan anderen? Deze vraag werd een belangrijke drijfveer voor haar vrije werk, maar ook bij opdrachten. Neem bijvoorbeeld het portret van de Australische filmactrice Cate Blanchett. Ze draagt een kanten jurkje en oogt tamelijk fragiel. Maar is zij dit werkelijk of speelt ze een rol? En kunnen we een ander wel door een portret leren kennen? Dit soort vragen intrigeert Dijkstra. Hoe waarheidsgetrouw een foto ook lijkt, de geportretteerde blijft uiteindelijk ondoorgrondelijk, ongrijpbaar.

Bij kinderen speelt die vraag minder, zou je zeggen, die zijn nog onbevangen. Kijk naar de ontroerende video van Ruth, een Engels schoolkind dat zittend op de grond geconcentreerd een schilderij van Picasso natekent. Toch speelt ook bij kinderen de vraag, wie verschuilt zich achter een masker en wie toont zijn ware gezicht? Deze worsteling wordt subtiel verbeeld in de video van Marianna, een tienjarige Russische ballerina die in een roze studio haar danspassen oefent. De mierzoete omgeving en de opgewekte muziek vormen een schril contrast met de strenge stem van een lerares die buiten beeld aanwijzingen geeft. Bij elke nieuwe poging om het dansje perfect uit te voeren, glimlacht Marianna zoals haar is ingeprent, maar gaandeweg steekt toch iets van vermoeidheid en rebellie de kop op.
 

Haar tentoonstelling in De Pont werd georganiseerd in samenwerking met het Louisiana Museum in Denemarken, waar het tot 30 december 2017 te zien was.