Jean-Michel Alberola

Saïda Algerije 1953, woont en werkt in Parijs

‘Let op! jma wil duidelijk maken dat vijf schilderijen nog niet af zijn’. Deze tekst plaatste Jean-Michel Alberola ooit bij de ingang van een Parijse galerie als introductie bij zijn tentoonstelling. Het was een opmerkelijke mededeling, te meer omdat er maar zes schilderijen en een foto hingen. Slechts één van de schilderijen was gesigneerd en had een verkoopnummer. Hiermee ondermijnde Alberola op effectieve wijze het galeriewezen, dat kunst toch ook als commercieel product ziet. Alberola haalt wel vaker zulke Duchamp-achtige ‘Spielereien’ uit. Soms door zijn werk of de context waarin het wordt getoond van commentaar te voorzien, een andere keer door schilderijen te hoog op te hangen of monochrome schilderijtjes als ‘recycled’ te koop aan te bieden – suggererend dat zo’n kleurvlakje eerder een hergebruikte gedachte dan een origineel werk is.

Alberola is vooral als schilder bekend geworden. Ook in Frankrijk was er in de jaren tachtig van de vorige eeuw sprake van een bloei van de schilderkunst, al braken de kunstenaars van de Nouvelle Génération internationaal minder door dan hun Duitse en Italiaanse collega’s. Of Alberola tot deze groep behoorde is echter de vraag. Nog steeds produceert hij maar zo’n vier schilderijen per jaar en besteedt hij veel meer tijd aan tekenen, boekjes maken, fotograferen en schrijven. Het verbaast dan ook niet dat hij zich eerder verwant voelt met sociaal en politiek geëngageerde kunstenaars als Beuys en Boltanski, dan met de schilders van zijn eigen generatie.

Alberola is een kritisch en humoristisch onderzoeker van de rol van de kunstenaar als ‘schepper’. Een groot deel van zijn werk ondertekent hij met Actéon: Actaion, de jager uit de Griekse mythologie, die de godin Diana bespiedt als zij aan het baden is. Diana duldt echter geen mannelijke toenadering en reageert meedogenloos. Ze verandert hem in een hert, waarop zijn eigen jachthonden hem verslinden. Wat Alberola in het verhaal fascineert, is dat Actaion de grens van wat gezien mag worden overschrijdt. Met dit thema onderzoekt hij de grenzen van het verbodene en daarmee die van de iconoclastische traditie.